Recht op onderwijs

In 1948 werd de ‘Universele Verklaring van de Rechten van de Mens’ geschreven.
In die verklaring staat dat iedereen op aarde recht heeft op onderwijs. Elk kind heeft recht op gratis onderwijs. Dit is internationaal nog eens apart vastgelegd in de Rechten van het Kind.

 Toch blijft dit mensenrecht een geschonden recht voor miljoenen mensen op de wereld. In 1990 beloofden alle leiders van de wereld dit recht nog voor 2000 voor iedereen te realiseren. Vandaag echter zijn er nog steeds meer dan 115 miljoen kinderen, waaronder meer dan 66 miljoen meisjes, die geen lager onderwijs (kunnen) volgen.

In Nederland heeft vrijwel ieder kind de mogelijkheid om basisonderwijs te volgen. Er zijn enkele uitzonderingen omdat kinderen soms speciale begeleiding nodig hebben in verband met fysieke of gedragsproblemen. Helaas wordt in Nederland steeds meer bezuinigd op de AWBZ waardoor deze kinderen de mogelijkheid ontnomen wordt om gewoon naar school te gaan. Deze kinderen worden in principe opgesloten in huis.

 Na de basisschool is het iets ingewikkelder met dat “gratis”. Tot voor kort was de school gratis maar de leermiddelen niet. Tegenwoordig zijn ook de boeken gratis en armere mensen kunnen een Tegemoetkoming in de Studiekosten krijgen. Helaas dekt die tegemoetkoming niet alle kosten. Kosten die ook steeds hoger worden door de “vrijwillige” ouderbijdrage en de borgsom die de grote boekhandels in rekening brengen. En de reiskosten worden helemaal niet vergoed. Dat terwijl steeds meer scholen gedwongen te fuseren met scholen in de regio en dus moeilijker bereikbaar zijn per fiets.

 Het recht op onderwijs naar eigen keuze is steeds meer afhankelijk van de dikte van de beurs van de ouders. Iedereen kan onderwijs volgen, maar niet iedereen heeft de vrijheid te kiezen welk onderwijs. Voorbeeld: Oudste zoon wil graag naar de Grafische School in Eindhoven. De kosten worden vergoed, de ouders ontvangen een Tegemoetkoming Studiekosten, maar de reiskosten worden niet vergoed. Oudste komt van het VMBO-T en gaat naar het MBO en krijgt dus geen OV-kaart. Als hij naar het HBO ging kreeg hij die wel. De reiskosten bedragen maandelijks E 347,-  of jaarlijks E 3.331,-. Helaas kunnen zijn ouders dat niet betalen en dus gaat hij naar een ROC voor 2 jaar, zodat hij, als hij 18 is, en wel een OV-kaart krijgt, eindelijk naar de Grafische School kan.

Zijn jongere broertje komt van de HAVO en krijgt na zijn examen wel direct een OV-kaart, ook al is hij pas 16.

 Recht op onderwijs inderdaad, maar gelijkwaardige kansen in Nederland? Allang niet meer!

Ik pleit dus voor een OV-kaart voor alle leerlingen, ongeacht hun opleidingsniveau. Bovendien strijd ik tegen de bezuinigingen op de AWBZ.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder De wereld, Nederland

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s